Estland

Estland, de meest noordelijke van de Baltische Staten is een mooi, gezellig en warm land, dat heel erg doet denken aan Scandinavië. Cultureel heeft Estland vooral gelijkenissen met Finland. Eeuwen van Duitse, Russische en Zweedse overheersing hebben de Estse cultuur echter haar uiteindelijke vorm gegeven. Tallinn is één van de mooist bewaarde middeleeuwse Hanzesteden in Europa. Buiten Tallinn, wordt Estland gekarakteriseerd door uitgestrekte bossen (50% van het land is bos), meer kustlijn dan Zweden, duizenden eilanden en vele veengebieden en moerassen bieden een buitengewone fauna en flora.

Hieronder vinden jullie een beschrijving van de meest belangrijke steden, eilanden en nationale parken in Estland! Als toemaatje, informatie over het klimaat, het weer en de topografie van Estland.

 

Steden

TALLINN

Tallinn is de grootste stad en het kloppende hart van Estland, waar bijna 1/3 van de inwoners van Estland leven. Tallinn, met zijn prachtige oude binnenstad, ligt aan de Golf van Finland en is het venster op de wereld voor Estland.

Een zeer uitgebreide reisgids, vind je op onze Tallinn pagina.

 

TARTU

Tartu beslaat 38.8km², telt 100.000 inwoners en is de tweede grootste stad van Estland. Gelegen op 190km van Tallinn, is het de hoofdstad van Zuid-Estland. De Hanzestad wordt vooral gekenmerkt door de rivier de Emajõgi en de grootste, oudste universiteit van Estland.  Hierdoor wordt het vaak de intellectuele hoofdstad van Estland genoemd en daaraan dankt het zijn bijnaam: het ‘Athene aan de Emajõgi’.  Verder bezit het heel wat historisch en cultureel erfgoed en ligt hier de wieg van het Estse nationalisme en de oprichting van de Estse staat.

De geschiedenis van Tartu (of Dorpat tot 1918) gaat terug tot 1030, toen werd in schriftelijke bronnen voor het eerst melding gemaakt van Tartu. De vestiging werd in de 13de eeuw door de Lijflandse Orde ingenomen, later zou zij vervolgens overheerst worden door Russische, Poolse en vanaf de 16de eeuw door Zweedse  bezetters. In 1632 werd onder bewind van de Zweedse koning , Gustav Adolphus, een universiteit gesticht. Deze heeft een zeer belangrijke rol vervuld in het imago van Tartu en de Estse geschiedenis in het algemeen. Het is geen toeval dat Johann Valdemar Jannsen deze ‘intellectuele’ stad verkoos om er vanaf 1863 zijn krant ‘EESTI Postimees’ (Estse postbode) te publiceren. Janssen stichtte twee jaar later ook het culturele theatergezelschap Vanemuine, dat in 1869 ook het eerste Estse Zangfestival organiseerde in Tartu. Dit was meteen ook één van de eerste tekenen van een ontwakend Ests nationalisme. Tijdens de eerste onafhankelijkheidsperiode floreerde de stad en haar univeristeit, tijdens de Sovjetperiode was het echter een vrij onbereikbare stad voor westerlingen, niettemin door de aanwezigheid van een militaire luchthaven. Vanaf de onafhankelijkheid heeft de universiteit in sneltempo zijn top-academisch niveau weer helemaal verworven en bruist de stad als weleer.

Het zou ons ter ver leiden om alle monumenten en cultureel erfgoed in detail te bespreken. Maar volgende namen, gebouwen willen we u toch niet onthouden: Uw tocht doorheen de stad kan u best beginnen aan Het Raadshuisplein (Raekoja Plats). Het meest in het oogspringende gebouw is het stadhuis (Raekoda).  Een ander merkwaardig gebouw is ‘het scheve huis’ (1793) op nr. 18. Hierin is het Tartu Art Museum gevestigd. Verder is het drie-meter hoge standbeeld van kussende studenten in het midden van het plein een duidelijke verwijzing naar hun aanwezigheid in het straatbeeld. Schrik ook niet op wanneer u een student over de balustrade van de boogbrug -rechttegenover de Raekoja Plats- ziet lopen, dit is een oude traditie.

Ten oosten van het raadshuisplein gaat het gestaag omhoog richting monumentale ruines van de Toomkirik (kathedraal). De heuvel heet de Toommägi en naast een observatorium, de engelenbrug (Inglisild), de duivelsbrug (Kuradisild) en de Kruitkelder (Pussirohukelder), waar een restaurant/nachtclub is in gevestigd, vindt u er ook een meer romantisch gedeelte dat bestaat uit de stenen ‘Heuvel der kussen’ (elke bruidegom wordt geacht zijn kersverse vrouw naar de top te dragen), de ‘Brug der Zuchten’ en de ‘Offersteen’, waar mensen met liefdesverdriet een gebed aan de oude goden kunnen achterlaten.

Als laatste willen we u Suppilinn (Soepstad) niet onthouden, dit stadsdeel dankt zijn naam aan de straatnamen die verwijzen naar ingrediënten van soep. Deze wijk bestaat vooral uit houten huizen en is zeer populair onder studenten en jonge families.

Tartu laat u niet onberoerd en is een zeer goede uitvalsbasis voor dagtrips naar Viljandi, Võrumaa, Setomaa, het Peipsimeer en de winterhoofdstad Otepää.

PÄRNU

Pärnu is één van de weinige plaatsen buiten Tallinn en Tartu, waar de bevolking al langer bekend was met het fenomeen ‘toerisme’.  Deze badplaats was al geliefd bij de Russische tsaren en ook vele Russische Partijbonzen en kunstenaars kwamen er overzomeren tijdens de Sovjetperiode.

Pärnu telt 44.000 inwoners  en bezit de titel ‘zomerhoofdstad van Estland’. Het ligt 130km ten zuiden van Tallinn aan de Golf van Riga. Het wordt gekenmerkt door zijn 7km lange witte stranden, een groot aantal cafés,  een nieuw aangelegde kustpromenade, modderbaden en SPA’s, het culturele uitgangsleven,  één van de langste Estse wandel-winkelstraten, de Pärnurivier,  Lydia Koidula en veel zomerse zonneschijn.

De Oude Stad van Pärnu ligt aan de zuidelijke kant van de Pärnu rivier. De hoofdstraat is Rüütli, een winkel-wandelstraat, die van Oost naar West doorheen het stadscentrum loopt. Iets meer naar het westen en in een zijstraat van Rüütli, staat de Rode Toren (Punane Torn). Dit is het oudste overgebleven bouwwerk van de middeleeuwse stadswallen. Een andere overblijfsel is de Tallinn poort (Tallinna Väravad), een grijs-witte poort met groene deuren. Daarnaast is er niet veel meer terug te vinden, aangezien alles verwoest werd in daaropvolgende oorlogen. Andere bezienswaardigheden zijn de orthodoxe Catharinakerk (Ekatariina kirik; 1765-1768) en de lutherse Elisabethkerk ( Eliisabeti kirik; 1774), de Pärnu Concert Hal (Pärnu kontserdimaja; 2002) en het functionalistische Endla Theater (1960).

Voor wie zich wil laten verwennen, kan zich laten behandelen met een modderbad in de ‘Modderbaden van Pärnu’ (Pärnu Mudaravila). Langsheen datzelfde strand, maar meer naar het zuiden vindt u het Rannahotel, een mooi voorbeeld van Ests modernisme. Nog verder ligt het Tervise Paradiis Water Park, een waterpretpark voor jong en oud.

Pärnu is de ideale plaats om even te relaxen als u een Estse rondrit maakt en een zeer geschikte uitvalsbasis voor een bezoek aan het Sooma Nationaal Park en het eiland Kihnu.

 

HAAPSALU

Haapsalu heeft 12.000 inwoners en was net als Pärnu een vooraanstaand kuuroord tijdens het tsarenbewind. De lokale bevolking voelt zich echter vooral verbonden met  Zweden, dat hier in de 16de en 17de eeuw de plak zwaaide en waar de meeste families van afkomstig zijn.

De stad was oorspronkelijk gebouwd rond het ‘Bisschoppelijk kasteel van Haapsalu! (Haapsalu Piiskopilinnus), dat dateert uit 1279. Er is weinig overgebleven van dit kasteel op enkele muren en een romaans-gotische kathedraal na. In de zomer is het binnenplein de ideale locatie om te picknicken.

Als u enkele straten naar het noorden loopt botst u op de ‘kustpromenade’ (Promenaadi). Voor de promenade strekt zich het ‘Afrikaans Strand’ uit.  Langsheen de promenade vindt u het Kursaal (1900), er recht tegenover de Tsjaikovskibank. De beroemde componist was een regelmatig bezoeker van de badplaats en heeft zelfs een thema uit een oud Ests lied gebruikt in zijn Zesde Symfonie.

Andere interessante bezienswaardigheden zijn het ‘Estisch-Zweeds museum’ ( Rannarootsi muuseum) en het station van Haapsalu. Dat in 1905 gebouwd is naar aanleiding van het bezoek van tsaar Nicolaas II. In dit recent gerenoveerde gebouw bevindt zich ook het Ests spoorwegmuseum (Eest Raudtee-muuseum).

Weetje: Haapsalu is ook bekend omwille van zijn sjaals, gemaakt uit uiterst fijne wol. Daarnaast kent Haapsalu het Ilon Wikland museum, de in Haapsalu geboren illustratrice van Pipi Langkous.

 

VILJANDI

Viljandi is een zeer aangenaam, rustig en provinciaal aandoend stadje. Met zijn 20.000 inwoners bent u immers ver weg van het jachtige Tallinn.

Viljandi is de hoofdstad van de provincie Viljandimaa. Deze wordt vooral gekenmerkt door uitgestrekte bossen, weilanden en twee grote meren: Viljandi Järv en het Võrtsjärv.

De stad Viljandi is vooral bekend om zijn culturele bijdrage aan de geschiedenis van Estland. Momenteel huisvest het nog steeds een 3-tal zeer hoog aangeschreven koren en heeft het een professioneel theatergezelschap: Ugala-theater. Daarnaast bevindt er zich ook de cultuuracademie van Viljandi, welke een afdeling  is van de Universiteit van Tartu.

In het centrum moet u de tijd nemen om rustig door de middeleeuwse, met kasseien geplaveide straten, van de kleine, Oude Stad te wandelen. Vervolgens kan u zich richting het Lossipark begeven, waar de restanten van één van de grootste forten in het Lijfland (13de -17de eeuw) van weleer opgetrokken was. De bouw van het fort (Viljandi Ordulinnus) begon in 1223 door de ‘Orde van de Zwaardbroeders’.  Die zich later zouden voegen bij de Duitse Orde en daarvan een nieuwe tak vormden: De Lijflandse Orde!

De overblijselen van het fort zijn gelegen op verschillende heuvels en kijken neer op het boomerangvormige Viljandi meer, waar u in de zomer roeiboten en waterfietsen kan huren of zich kan uitleven op het strand. Langs de andere zijde en over één van de toenmalige grachten is in 1931 een 50m lange voetgangershangbrug neergezet.

Viljandi is de meest ideale uitvalsbasis als u het Sooma nationaal park en tegelijkertijd ook het Võrtsjärv , Tartu en het Otepää hoogland wil bezoeken.

 

RAKVERE

Rakvere is de zesde grootste stad (16.000 inwoners) van het land en bevindt zich op de verbindingsweg tussen Tallinn en Narva (grensstad met Rusland). Als u een tocht naar het nationale park Lahemaa plant, mag u zeker niet voorbij Rakvere rijden.

Rakvere is naast zijn culturele ergoed, vandaag vooral bekend omwille van zijn grote vleesverwerkende industrie. De burcht van Rakvere is echter de reden waarom u de stad niet links kan laten liggen.

De burcht werd door de Denen tussen 1226-1250 gebouwd op de plaats waar al een houten verdegingswerk stond, de Tarvanpää (= Kop van de Oeros). De oeros is nog steeds het symbool van Rakvere.

De ruines van de burcht zijn nog steeds te bezichtigen op de Vallimägi. Op deze zelfde heuvel staat ook het bekende oeros-beeld , gemaakt door sculpturist Tauno Kangro. Het is het grootste standbeeld van een dier in de Baltische Staten en werd gemaakt ter gelegenheid van de 700ste verjaardag van de stad. Het bronzen beeld is 7 meter lang en 4 meter hoog en weegt 7ton.

De bekende componist Arvo Pärt bracht zijn jeugd door in Rakvere. Hij werd er in 1995 ereburger. De stad heeft ook een professioneel theatergezelschap: Rakvere theater.

 

PALDISKI

Paldiski ligt 40-45 km ten westen van Tallinn en momenteel leven er +/- 4000 mensen.

Toen Peter de Grote zijn defensielijnen uitbouwde, plande hij hier een immens 2km lange zeehaven/fort dat de volledige Russische vloot zou kunnen huisvesten. De werken startten in 1716 met de hulp van duizenden gevangen, maar is nooit afgewerkt. In 1762, werd door Catherina II beslist om het de naam Baltiiski Port  (Baltische haven) te geven. De overblijselen van dit verwoeste zeefort zijn nog steeds te bewonderen iets ten noorden van de stad en staan gekend als de ‘Muuga Heuvels’ of ‘Peter’s fort’. Iets na de eerste onafhankelijkheid van Estland werd Baltiiski de Estse variant Paldiski aangemeten.

Vanaf 1944 was Paldiski en het Pakri schiereiland in handen van het Sovjet leger. Het was een gesloten militair gebied en er leefden meer dan 10.000 ingeweken Russen. De haven werd gebruikt als basis voor nucleaire onderzeeërs en vanaf 1960 werd het hiervoor ook een training centrum. De Sovjets verlieten Paldiski pas in 1994, drie jaar na de onafhankelijkheid van Estland.

Verlaat Paldiski richting het Pakri schiereiland en u zal uitgekomen bij de Pakri Kaap. Hier bevindt zich de hoogste vuurtoren van Estland (54m). Daarnaast kan u er ook genieten van mooie vergezichten op de Finse golf, en wordt u geconfronteerd met één van de opmerkelijkste secties van de Baltische Klint, die hier een klif van 24m vormt.

 

Eilanden

SAAREMAA

Saaremaa is het grootste van de circa 1500 Estse eilanden. Weilanden, akkers en dichtbeboste percelen wisselen elkaar af. Saaremaa werd vooral bekend omwille van zijn grote hoeveelheid windmolens, 800 in de tweede helft van de 19de eeuw. Momenteel zijn de meeste verdwenen, maar de windmolen is nog steeds het symbool van het eiland.

De belangrijkste stad op het eiland is Kuressaare, deze plaats is vooral bekend om zijn SPA’s en ook omwille van de aanwezigheid van het Bisschoppelijk kasteel (Piiskopiliinus), dat jaarlijks duizenden toeristen aantrekt. Het is het enige volledig bewaard gebleven stenen kasteel uit de Middeleeuwen in de Baltische Staten en het wordt omringd door een prachtig park, een slotgracht en een indrukwekkend bastion uit de 17de eeuw.

Saaremaa heeft echter meer te bieden dan haar hoofdstad en het is dan ook vooral omwille van de combinatie natuur en cultuur dat u een rondrit zou moeten maken. Vergeet vooral niet de meteorietkraters van Kaali te bezoeken (Kaali meteoriidikraatrite väli). Deze meren zijn gevormd door de brokstukken van een 1000ton zware meteoriet die hier een 3000-tal jaren geleden is neergestort. Het grootste meer wordt het Kaalimeer genoemd. Ook het Vilsandi nationaal park is een trekpleister.  Al wie de natuur liefheeft, kan hier komen kijken naar duizenden vogels. Het park telt zo’n 250 unieke soorten. Een 112-tal daarvan komen hier jaarlijks broeden.

De meest optimale manier om het eiland te bezoeken is met de auto of de fiets. U kan de veerboot nemen in Virtsu, op het vaste land. Deze neemt u mee naar het eiland Muhu, dat met een lange dijk over de Baltsiche Zee verbonden is met Saaremaa. Op Muhu bevindt zich één van de top restaurants in de Baltische Staten: Alexander Restaurant, een onderdeel van het Pädaste landgoed. Pädaste landhuis herbergt een luxueus hotel en SPA. Wie zich wil laten verwennen, kan hier alvast tot rust komen.

 

HIIUMAA

Hiiumaa is het tweede grootste Estse eiland en is, in vergelijking met Saaremaa, ruiger en nog  veel minder bevolkt. Er rijden ook zeer weinig wagens. Op het ganse eiland wonen slechts 11.000 mensen, waarvan 4.000 in de ‘hoofdstad’ Kärdla. Het grootste deel van het land is bezaaid met venen, moerassen, verwilderde weiden, jeneverbessen en dennen.  Hiiumaa is echter niet over te slaan als u een tocht langsheen de Estse eilanden maakt.

De bezienswaardigheden zijn uiteenlopend. Naast de hoofdstad, verdient het goed bewaarde landgoed Suuremõisa, nabij de ferry- aanlegplaats, alvast wat meer aandacht.

Daarnaast is de Kruisheuvel (Ristimägi) ook een bezoek waard. Deze concentratie aan kruisen is, volgens de legende, een indirecte verwijzing naar de langdurige Zweedse invloed op het eiland. Als laatste, maar niet onbelangrijkste reden om Hiiumaa te verkennen is de aanwezigheid van enkele prachtige vuurtorens. De 36-meter hoge Kõpu vuurtoren, in het Westen van het eiland, is de derde oudste functioneerde vuurtoren. Deze is continu in gebruik sinds 1531. Een tweede vuurtoren staat in Ristna, op de punt van het schiereiland. De plek wordt beschouwd als een paradijs voor surfers en windsurfers. Hier vind je de beste golven in Estland. Een derde exemplaar staat in Tahkuna en is 43meter hoog. Daarmee de grootste, uit gietijzer opgetrokken, toren in Estland.

 

Nationale parken


LAHEMAA NATIONAAL PARK

Lahemaa (725km²) is veruit het bekendste nationale park in Estland. Gelegen op zo’n  70km van de hoofdstad Tallinn, is dit de ideale dagtrip richting natuur. Het park bestaat voornamelijk uit bos, wetlands en meren. De bevolkingsdichtheid bedraagt er minder dan 20 inwoners km².  Wat Lahemaa bijzonder maakt is enerzijds de aanwezigheid van kapen en beschutte baaien waarin er talrijke zwerfstenen liggen, die omgeven worden door de talrijk aanwezige naaldbossen met hun unieke fauna en flora. Elanden, beren, everzwijnen, herten,…zijn hier geen onbekende. Anderzijds liggen rondom deze baaien, her en der verspreid, enkele autenthieke Estse visserdorpjes. Altja, Käsmu, Viinistu,.. allen zijn ze meer dan een bezoekje waard.

Een derde reden waarom u zich eventjes richitng dit stukje natuurpracht zou moeten begeven, is de aanwezigheid van enkele landgoederen (mõis), die momenteel SPA’s, restaurants en musea herbergen. Vihula mõis, Palmse mõis, Sagadi mõis,… zijn allen architecturale pareltjes. Dit type landgoederen vindt men over gans Estland terug en deze dateren meestal uit de 17-19eeuw, wanneer ze door Duitse landeigenaren werden opgetrokken. De landgoederen (huizen + park) in Lahemaa behoren tot de mooiste van Estland.

Lahemaa was trouwens het eerste nationale park in de Sovjet-Unie.  Het is ideaal te bereiken vanuit Tallinn als daguitstap of tweedaagse en wordt vaak gecombineerd met een bezoek aan Rakvere.

 

SOOMA NATIONAAL PARK

Het natuurreservaat (143km²) laat u kennismaken met een vrij uniek veenlandschap. Sooma betekent dan ook letterlijk: ‘land van veenmoerassen’. In dit park leven onder andere bevers, eekhoorns, elanden, lynxen en bruine beren. En een 160-tal vogelsoorten.

Het park is vooral bekend om wat er zich in het voorjaar afspeelt, tijdens het ‘vijfde seizoen’. Dan treden de rivieren buiten haar oevers, door het overvloedige smeltwater, en wordt een groot deel van het oppervlak onder water gezet. De enige manier om de centraal gelegen dorpen en het bezoekerscentrum te bereiken is per kano of haabja. Deze laatste is een traditionele, uit boomstam gecurvde, kano.

In de andere seizoenen is het park een ideale gastheer voor eenieder die een fikse natuurwandeling wil maken. Er zijn een aantal aangelegde wandelpaden doorheen de veengebieden, die gekenmerkt worden door hun open landschappen, moerassen, donkere poelen en lage boompjes. Wanneer omgeven door een mysterieuze mist kan dit een onaardse indruk nalaten.

 

Weer & Klimaat

KLIMAAT

Estland is de meest noordelijke van de Baltische staten, gelegen aan de Oostzee en de Finse Golf. Door invloed van de Atlantische Oceaan en de erbijhorende heersende westenwinden is de jaarlijkse gemiddelde temperatuur in Estland aanzienlijk hoger dan in meer oostelijke gebieden gelegen op dezelfde breedtegraad, maar met een meer continentaal klimaat. Het klimaat laat zich het beste omschrijven als een gematigd zeeklimaat met koele winters en milde zomers. Onder invloed van het zeewater is het langs de kust ‘s winters vaak enkele graden warmer dan in het binnenland. In de zomermaanden is het juist andersom, dan is het in het binnenland vaak wat warmer dan in kustplaatsen, zoals de hoofdstad Tallinn.

Gemiddeld krijgt de kustzone minder neerslag dan het binnenland. Het is bijzonder droog aan de kust in het voorjaar en in de eerste helft van de zomer. Gebieden met de hoogste neerslag bevinden zich op de hooglanden en op een afstand van 30-60 km van de westkust.

De hoogste temperatuur, 35,6 ° C, werd gemeten op 11 augustus 1992 in Võru, de laagste, -43,5 º C, op 17 januari 1940 in Jõgeva. De gemiddelde duur van de sneeuwbedekking in de winter is 75-135 dagen.

De hoge breedtegraad van Estland leidt tot een groot verschil tussen daglicht in de zomer en in de winter. Dagen zijn op hun kortst op de winterzonnewende: in Tallinn, Noord-Estland, 6 uur en 2 minuten en in Valga, Zuid-Estland, 6 uur en 39 minuten. De langste dag, de zomerzonnewende, duurt 18 uur 40 minuten in het noorden en 18 uur 10 minuten in het zuiden. De jaarlijkse hoeveelheid zonuren varieert tussen 1600 en 1900 en is hoger aan de kust en op de eilanden, en lager op de hooglanden.

 

SEIZOENEN

Winter
De winters zijn koel en duren vrij lang. Meestal begint de winter rond midden november en duurt tot begin april. In de wintermaanden valt er geregeld sneeuw die vaak voor langere tijd blijft liggen (december-maart). Een sterke oostelijke stroming kan ijskoude lucht uit Rusland zorgen voor zeer lage temperaturen en de temperaturen overdag ruim onder de min tien graden houden. De koudste maand is Februari.

 

Voorjaar
Het voorjaar duurt relatief kort, zo ongeveer van midden april tot half juni. In deze periode kunnen de temperaturen variëren van vorst in de nacht tot ruim 20 graden overdag.

 

Zomer
De zomermaanden in Estland zijn -over het algemeen- zeer aangenaam. Lekker warm, zonder benauwd te worden, omdat de relatieve luchtvochtigheid redelijk laag ligt. Onder aanwezigheid van sterke hogedrukgebieden kan de zomer tot begin september voortduren, maar sommige jaren gooit een constante aanvoer van depressies al vanaf begin augustus roet in het eten.

 

Najaar
De Estse herfst kent vrij veel neerslagdagen. De westenwind brengt regelmatig nieuwe Atlantische storingen met zich mee. September kan nog zorgen voor zachte zomerse temperaturen. Vanaf oktober dalen deze gestaag en kan er een krachtige wind waaien . Vanaf begin November kan de winter, met de eerste speldeprikken, haar intrede doen.

 

HET WEER

Het weer kan je dagelijks op de voet volgen via volgende websites:

 

Topografie

Als onderdeel van de Oost-Europese Vlakte, is Estland vooral een vlak gebied, waar hooglanden en plateau-achtige gebieden zich afwisselen met laaglanden, depressies en valleien. Deze landvormen zijn samen met de kustkliffen in het noorden en het westen van Estland, de grotere landeenheden van de estse topografie.

Het hoogste punt van Estland en de Baltische staten, de Suur Munamägi Heuvel -317m-, is gelegen in het middelste deel van het Haanja hoogland in het zuidoosten van Estland.

De Baltische Klint, ook wel bekend als de Noord-Estse Klint, is een opvallend kenmerk van de Estse topografie. In het noordwesten en noordoosten van Estland, valt de Klint vaak samen met de overgang naar de Golf van Finland. In Ontika, het hoogste punt van de Noord-Estse Klint, bereikt deze 56 m boven de zeespiegel.

Opmerkelijk

Tijdens de laatste ijstijd, duwden zware gletsjers het oppervlak enkele honderden meters dieper, in vergelijking tot de situatie vóór de ijstijd. Nadat het ijs zich terugtrok, ontstond er een compenserende landstijging. Vandaag stijgt het land het sterkst in Noordwest-Estland, met 2-3 mm per jaar.